Aaf over de (on)zin van de vraag ‘Hoe gaat het met je?’

Een kleine inleiding bij deze column; de wijsgeer van deze maand heb ik ooit een uur aan de telefoon gesproken. Daar ben ik best trots op, want ik ben een bewonderaar van haar – het is Ruby Wax.

Ik kan alleen niet melden dat ik tijdens dat gesprek een hoop slimme zinnetjes uit haar mond heb opgetekend, want ik was veel te zenuwachtig, zij was vrij kattig, en bovendien aan het stofzuigen. Of misschien was iemand anders dat aan het doen, er klonk in ieder geval het luide geluid van een stofzuiger door het hele interview heen.

Sinds dat interview, we hebben het over de tijd van de eeuwwisseling, echt wel lang geleden dus, ben ik te weten gekomen dat Ruby Wax allerlei mentale problemen heeft gehad, en daar de nodige boeken (Tem je geest, Frazzled en andere) over heeft geschreven. Daarom neem ik haar volstrekt serieus als zij ons voorschrijft hoe we de vraag: ‘Hoe gaat het met je?’ eigenlijk zouden moeten stellen.

Het is nooit alleen maar goed of slecht

Want als je het goed bekijkt, is dat een heel rare vraag. Hij is nogal kort, hij vereist dus ook een kort antwoord, en er is bijna niemand op de wereld die er feitelijk antwoord op geeft; de meeste mensen zeggen, zelfs in geval van psychische nood, automatisch ‘goed!’ op die vraag.

Wax heeft de volgende vraag bedacht: ‘Hoe is de weersgesteldheid in jouw hoofd?’ Zo veel leuker! En dat niet alleen: hij nodigt zo veel meer uit tot details, overdenken en waarheid. Het is nooit alleen maar goed of slecht in je hoofd, of nou ja, soms wel, maar meestal is het eerder zoals het weer; aan fluctuaties onderhevig, soms wat wolkjes, hé, daar is een straal zonneschijn, kijk, nu breekt ie helemaal door, en jammer, nu gaat het weer regenen, maar het is maar motregen. Dat zou het weer kunnen zijn, en ook je humeur op een bepaald moment van de dag.

Zonnig met dreiging op onweer

Vooral dat van die fluctuaties, de wolken aan de hemel die alsmaar veranderen, de regen die komt en gaat, net als de zon, is natuurlijk ook zeer waar voor je eigen gesteldheid. Als iemand mij nu bijvoorbeeld zou vragen hoe het ging, zou ik zeggen: ‘Best zonnig, maar met wat dreiging op licht onweer in het oosten’ – daarmee doel ik op het feit dat ik een goed humeur heb omdat ik morgen op reis ga, maar ook wat spanning voel om dezelfde reden.

Als je het weer als vergelijking gebruikt, bouw je automatisch ook al de veranderingen in die er altijd zijn. Ook voor jezelf is dat prettig, want als je bijvoorbeeld even terugdenkt aan je meest recente buien (goed woord in dit verband!), is die regenbui van vanochtend alweer voorbij, zie je misschien al wat zon, en was het gisteren een en al donder en bliksem, maar is die allang weer gaan liggen.

Veel specifieker en veranderlijker dan ‘het gaat prima’, en het geeft je meer zelfinzicht. En één zonnestraaltje komt, behalve in sommige weersomstandigheden natuurlijk, altijd wel binnen. ‘There’s a crack in everything, that’s how the light gets in,’ zong een andere wijsgeer, Leonard Cohen, al. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Meer lezen

Aaf schreef ook een column over de wijze (en grappige) uitspraken van ouderen.
En ze scheef ook een stuk over de elf-uurregel voor het stoppen van malende gedachten.

Tekst Aaf Brandt Corstius  Fotografie Bonnita Postma

Scroll naar boven