Categorieën
RSS feeds

Slow, offline en niet-perfect: houden we daarom zo van papier?

Als je aan de slag bent met papier, blijft er weinig ruimte over om na te denken, merkt journalist Irene Ras. En ze is niet de enige die blij wordt van lege vellen en notitieboekjes.

Zo’n tien jaar geleden reageerde een opdrachtgever tijdens een werkbespreking een beetje verbaasd bij de aanblik van mijn grote, rode agenda. “Heb jij díe nog?” Misschien was ik destijds een uitzondering, maar bij een recente werkplanning met vijf collega’s telde ik (met een mengeling van opluchting en enige triomf) weer drie papieren exemplaren op tafel. Ik ben dus toch niet zo antiek.

Behalve die agenda heb ik nog meer genoegens waar ik eigenlijk geen afstand van kan nemen. Met balpen dikke strepen trekken, een vulpen over lichtblauwe lijnen laten vliegen, steekwoorden krabbelen op een smetteloos vel – het liefst met veel cirkels en pijltjes. In de late avond even stiekem uit oude papiertjes een verjaardagslinger knippen. En ook daarin ben ik niet de enige.

De charme van een foutje

“Ik ben zo gek op papier dat ik me altijd een beetje ontheemd voel als ik het niet ergens in de buurt heb,” zegt de Franse illustrator Julie Marabelle, die nu in Amsterdam woont. Je zou haar ook papierkunstenaar kunnen noemen: ze maakt prachtige papiersculpturen en al haar illustraties zijn verfijnde snijwerkjes uit papier. Ze studeerde eerst aan de kunstacademie in Parijs, daarna ging ze naar Central Saint Martins, de academie voor art en design in Londen. Julie leerde er werken met zo’n beetje alle materialen die je kunt bedenken, maar altijd kwam ze terug bij papier.

“Knip je scheef, dan kun je dat niet meer herstellen. Je ziet het meteen. Maar een foutje heeft z’n charme, en daardoor pakt het eigenlijk altijd goed uit. Het eindresultaat wordt er vaak zelfs mooier van.”

Dat is waar crafting volgens Julie om gaat, het resultaat is een uniek stuk. “Bovendien: foutjes die je hebt gemaakt, zien anderen vaak niet eens.” Van papier word je minder streng voor jezelf, is Julies conclusie. Thuis heeft ze overal notitieboekjes liggen. Voor schetsjes, wat gedachteflarden, to do-lijstjes of een idee voor haar werk: soms in een tekening, soms in woorden. “In een computer zet je niet zomaar wat ­ingevingen. Op papier wel, en dan volgen er altijd weer meer.”

Gewoon wat spelen

Dankzij papier hervind je makkelijker de onbevangenheid die je had als kind, vindt illustrator en ontwerper Lisa Manuels. “Met papier kun je spelen, zonder dat het aan allerlei voorwaarden hoeft te voldoen.” Met haar broer maakte ze vaak knipsels. Een televisie met twee gleuven in een kartonnen plaat, en een lange strook met tekeningen om er doorheen te trekken. Papieren poppen op ware grootte. “En aan de rand van de keukentafel hing ik spookjes van papier, dan had je onder de tafel een spookhuis.”

Lisa is eigenaar van Elle Aime in Rotterdam en geeft vaak workshops. “Het is eigenlijk gek. Iedereen leert op de kleuterschool prachtige technieken. Papier-maché, collages, waxkrijten, ecoline, van alles. En bijna ieder kind vindt het leuk. Maar op onze weg naar volwassenheid verliezen we die onbevangenheid en staan we onszelf maar moeilijk vergissingen toe. Dat merk ik steeds weer tijdens workshops. Hoe vaak ik niet hoor: ‘Ik ben eigenlijk niet zo creatief hoor,’ of: ‘Ik kan dit echt niet.’ Maar als ze eenmaal een half uur met papier bezig zijn, zitten alle deelnemers in de flow – ik kan er geen beter woord voor vinden. Dat is wat papier doet.”

Papier verzacht, vult de Schotse Rachel Hazell aan. Ze is boekbinder en papierkunstenaar, en reist zo’n beetje de hele wereld over om workshops te geven. Op haar achtste maakte ze al boekjes die ze voor haar ouderlijk huis langs de weg verkocht. “Het maken van een boek, van een vel papier tot aan het binden, werkt als een meditatie. Het vouwen, het naaien, het lijmen, ik weet bijna niet eens meer wat ik doe als ik bezig ben.”

Alles kan

Werken met papier kan eigenlijk niet mislukken, vindt creatief mindfulnesscoach Sylvia van Nierop. Ze ziet overeenkomsten tussen werken met papier en mindfulness. “Papier scheuren bijvoorbeeld, dat kun je niet zorgvuldig doen,” legt ze uit, “en dus sta je jezelf tijdens het maken ruimte en vrijheid toe. En dan zie je ineens wat je hebt gemaakt en blijkt dat ook nog eens mooi te zijn. Dat brengt je vaak weer op nieuwe, creatieve ideeën.” Het ‘alles kan’-gevoel dat je voor jezelf creëert, neem je volgens Sylvia in het alledaagse mee. “Als je regelmatig creatief werkt en ervaart wat ‘fouten’ kunnen brengen, sta je opener in het leven.”

Sylvia ziet nog een tweede overeenkomst met mind­fulness: “Als je volgens patronen vouwt, richt je je aandacht op het vouwen in plaats van op je gedachten. Vaak zijn er weinig ingewikkelde handelingen voor nodig, die je steeds herhaalt. Maar je moet er wel bij blijven met je aandacht. Door die alertheid stop je met het aanzwengelen van gedachten.”

Ruiken en voelen

“Als ik gestrest ben, roep ik weleens tegen mijn vriend: ‘Ik ga even vogeltjes vouwen hoor,’” zegt Ingrid van Willenswaard van het blog Ingthings. “Kraanvogels vouwen werkt net als een mindfulnessoefening: je hebt geen ruimte om na te denken, doet steeds opnieuw dezelfde handeling met papier.”

Ingrid is crafter en maakte onder meer drie DIY-boeken. “Bij origami moet je heel precies vouwen. Als je er één of twee millimeter naast zit, kom je bij de snavel niet goed uit. Je kunt even aan niets anders denken.” Na een half uurtje vouwen is haar hoofd leeg. En ja, papier is ook aangenaam omdat het meerdere zintuigen tegelijk aanspreekt, denkt Ingrid.

“In een papierwinkel ruik ik ook altijd even aan het papier. De geur van het ene vel is echt heel anders dan het andere. Bij mijn eigen boeken moet ik bij de eerste druk altijd even tussen de pagina’s ruiken.” En ze voelt aan het papier voordat ze het koopt. Of het niet te ruw is, of juist wel. De dikte maakt ook veel uit. “Mijn vulpen moet zo ­ongeveer over het papier kunnen schaatsen. Maar een potlood werkt het fijnst op een blad met een iets grovere structuur. Dat zijn van die kleine genoegens van papier die ik heerlijk vind.”

Gun jezelf papiertijd

Hoe digitaler onze wereld, hoe unieker papier wordt, denkt Lisa Manuels. “Het is daardoor ook een beetje nostalgisch.” Maar misschien wel het belangrijkste is dat je er zo makkelijk mee aan de slag kunt, vindt ze. “Papier is heel toegankelijk. Zelf haal ik de meeste inspiratie uit de dagelijkse dingen. Zo stuurt de gemeente Rotterdam haar post in van die mooie mintgroene enveloppen, heel fijn papier. Of soms kun je van iets lelijks iets tofs maken, van gratis folders bijvoorbeeld.”

Vroeger vond ze het nog weleens zonde om in mooi of duur papier te knippen en bleef het maar in een la liggen. “Nu denk ik: ja doei, ik begin gewoon.” In Lisa’s workshopatelier staat een grote kast met tweedehands boeken die allemaal verknipt mogen worden. “Daar zitten echt supermooie bladzijden in, bijvoorbeeld uit sprookjes- of natuurboeken. Eerst denken mensen altijd dat zoiets helemaal niet mag. Maar waarom zou dat niet mogen?” Houd het simpel, denk niet te veel na en ga aan de slag, geeft Lisa tot slot nog als tip. “Spreek bijvoorbeeld met jezelf af dat je een week lang elke dag een klein dingetje van papier maakt. Dan gaat het je steeds beter af. Er zijn nog zo veel duizend dagen om zo veel duizend saaie dingen te doen. Gun jezelf een beetje papiertijd. De was kan morgen ook nog.”

Volg onze training Paper Love

Wil je ook aan de slag met papier? Lisa Manuels (Elle Aime) bedacht samen met Erika Harberts (Mikodesign) acht projecten om met het papier uit het Flow Book for Paper Lovers aan de slag te gaan, zoals een mini-schrift en een opbergmapje. In acht video’s krijg je stap voor stap uitgelegd hoe je deze paper goodies maakt. Je kunt de training in eigen tempo volgen, in je ééntje, of samen met anderen tijdens een craftnight of crafternoon. Meer weten? Hier vertellen we je er alles over, en krijg je een kijkje in de training.

Meer lezen

Een online training over papier? Zo kwam Paper Love tot stand.
De magie van creativiteit: dit kan het je brengen.
Dit kun je met pakketjes doen (in plaats van weggooien).

Tekst Irene Ras  Illustratie María Luque

BRON